Psychomotorische Therapie

Psychomotorische therapie, ook wel PMT genoemd is een behandelvorm voor mensen met psychosociale of psychische problematiek. Er wordt, voornamelijk bij eetstoornis patiënten op methodische wijze gebruik gemaakt van werkvormen gericht op lichaamsbeleving en bewegingssituaties. De psychomotorisch therapeut richt zich vaak op de volgende problematiek: bewegingsgedrag, lichaamstaal, lichamelijke spanningen, lichaamshouding, lichaamssensaties en lichaamsbeleving. PMT wordt zowel in groepen als individueel aangeboden en is voor alle leeftijden. 

Het doel van PMT is het verminderen of, in het beste geval, wegnemen van problematiek. Vanuit een ervaringsgerichte methodiek wordt er met bewegingsvormen en lichaamsgerichte interventies gewerkt. Er wordt veel gebruik gemaakt van actuele situaties, maar ook worden situaties uit het verleden gebruikt. De cliënt/patiënt leert door middel van de PMT zijn of haar problemen anders te benaderen.

Zelf heb ik altijd veel baad gehad bij het onderdeel psychomotorische therapie. Het heeft me altijd erg goed geholpen, hoe veel moeite ik ook had met de therapieën. Tijdens PMT werd ik echt geconfronteerd met mezelf en dat vond ik erg ingewikkeld. Ondanks dat heeft het me zoveel verder gebracht. Met name de verschillende oefeningen tijdens mijn opnames en tijdens de deeltijd behandeling hebben me erg goed gedaan. 

Tijdens de opnames waren spiegelen en video opnames een standaard onderdeel. Bijna wekelijks stond ik voor de spiegel en moest ik minimaal 10 positieve punten opnoemen. Dit kon bijvoorbeeld mijn haar zijn, of een kledingstuk waarvan ik vond dat het mooi stond. Tijdens het onderdeel video werd je individueel op beeld gezet. Je moest van alle kanten op beeld, eerst in kleding en vervolgens in bikini. De beelden werden opgenomen zodat je deze met de behandelgroep terug kon kijken. Confronterend en moeilijk maar zo ontzettend helpend. 

Ook de beruchte touwtjes oefeningen kwamen regelmatig aan bod. De touwtjes moesten als volgt neergelegd worden:
– hoe voel ik me 
– hoe denk ik dat ik eruit zie
– hoe zou ik eruit willen zien 
– hoe zie ik er echt uit
Tijdens de touwtjes oefeningen had ik ontzettend veel moeite met mezelf. Ik vond het moeilijk om daadwerkelijk te geloven dat ik er echt zo uit zag als ik had opgemeten met het laatste touwtje. 
Voorbeeld: ik ging de omvang van mijn been neer leggen. Mijn gevoel en denk wijze klopten totaal niet met de werkelijkheid en hoe ik graag wilde dat het eruit zag was zelfs meer dan het feitelijk was. Confronterend? Absoluut! Goed? Zeker weten!